zondag 27 mei
zondag 27 mei
Ik ben van plan om vandaag weer rustig te genieten van alles wat ik tegenkom. Geen geplande zaken vandaag.
Na het ontbijt vraag ik Anita of het reizen naar Amalpura goed te doen is. Volgens Anita is het heel makkelijk om met een Bemog-busje naar de stad te reizen. Om de paar minuten komt er wel een busje over de hoofdweg. Men kan voor een ritje 10.000 Rp. vragen maar ervaring van Anita leert dat 5000 voldoende moet zijn.
Ik wandel om 09:00 uur via het dorp naar de hoofdweg.
Op de kruising van de hoofdweg staat een Bemog bij een kleine Warang (kiosk) om allerlei bestellingen uit de stad in te laden. Op het dak drie korven waar hanen in worden gehouden voor de hanengevechten. De korven worden met touwen vastgezet door de touwen door de ramen aan de andere zijde van de auto weer naar buiten vast te binden.
De bestuurder ziet mij lopen en vraag of ik transport nodig heb. Ik twijfel! Ik kijk eerst de kat uit de boom en wacht een paar minuten waarin ik meerdere Bemogs, die met claxonneren mijn aandacht vragen, laat passeren.
Ik besluit om de weg over te steken en de bestuurder van de Bemog die nog steeds bezig is om de touwen vast te knopen, te vragen wat de kosten zijn naar Amalpura. Hij vraagt 10000 Rp. en resoluut laat ik hem weten dat 5000 wel voldoende is. Hij gaat akkoord en gelukkig heeft hij nog geen passagiers zodat ik voorin het busje plaatsneem.
We vertrekken en na ongeveer 300 meter stopt hij om een dame in te laten stappen, die uit het rijstveld komt lopen. Geholpen door haar man wordt er een grote zak rijst ingeladen. Na een paar honderd meter herhaalt zich deze stop. Nu worden er twee zakken rijst de bus ingeduwd.
De vrouwen moeten de zakken afleveren bij een corporatie naar later blijkt. We stoppen bij een soort van een schuur waar mensen hun zakken rijst komen inleveren. Op een grote weegschaal worden de zakken gewogen en vervolgens worden de zakken in de schuur opgeslagen.
Ik had al een paar dagen eerder veel mensen op een akker aan het werk gezien en van Gede gehoord dat men hier coxf6peratief de rijst oogst en verkoopt.
Bij de coxf6peratie stapt een man in het busje nadat de vrouwen zijn uitgestapt. De zakken met rijst worden door hen in de berm gegooid om ze later door anderen naar de coxf6peratie aan de overkant van de straat te brengen.
De bestuurder heeft schijnbaar een paar vaste reizigers want een aantal keren wordt er gestopt en gekeken of er toevallig niemand vanuit een zandpad komt aanwandelen voor de Bemog. We krijgen geen passagiers meer in de bus want op alle plaatsen waar de bestuurder stopt, ook nog een paar keer claxonneert, staan of komen geen mensen aangelopen.
In de stad aangekomen stoppen we op een plaats waar veel hanen in korven staan. De korven op het dak van het busje worden er afgehaald en het is voor mij totaal onduidelijk voor wie de korven bestemd zijn. Mensen roepen wat naar de chauffeur en zonder af te rekenen of een bonnetje rijden we verder naar het centrum.
Exe9n straat voor de terminal herken ik de straat waar Gede en ik zijn geweest toen we naar de markt gingen. Ik roep ‘stop’ ten teken dat ik uit wil stappen en besluit om vanaf deze plek de markt over te lopen.
Nadat ik de straat ben overgestoken en de steeg inwandel loop ik langs een aantal handelaren die mij nog herkennen als de man die hier op zoek was naar keressen.
Ik loop aan het eind van de steeg naar links. Het deel waar electronika en horloges worden verhandeld.
Aan het eind van het blok is de markt afgelopen en ik loop naar links door een rustig deel van de straat.
Plotseling ontdek ik een steegje die naar links toe toegang biedt tot een hele grote overdekte marktplaats. Een werkelijk gigantische grote marktplaats waar alles, maar dan ook alles te koop is. Vis, fruit, groenten, veel rijstsoorten, kleding, offertjes en versierselen voor de offerblokken.
Het is hier donker en het stinkt er. Om de veertig a vijftig meter moet je over een afwateringskanaaltje stappen die in het beton zijn aangelegd. De geulen lopen naar buiten en ik zie de ratten buiten scharrelen om te kijken of er iets van hun gading naar buiten komt drijven.
Ik ben beland op een echte plattelandsmarkt. Geen toerist te zien. Hier waan ik mij in het echte dorpsleven.
Vlees wordt gehakt. Vis gesneden en kippen van hun ingewanden ontdaan.
Het afwegen van de producten gaat met een bascule of oude weegschaal.
Ik val op omdat ik wandelend door de smalle paden loop waar de bevolking juist snel hun weg zoekt met armen vol pas gekochte groente of een baal met rijst. In een deel van de hal is een klein stukje niet overdekt en hier staat een reusachtig offerblok.
Het offerblok wordt veel gebruikt gezien de grote aantallen offers die daar staan met brandende wierookstaafjes. Vanaf deze plek zie ik nu pas dat de markthal vanaf meerdere steegjes bereikbaar is. Dit was mij niet opgevallen toen ik door de steegjes liep. Waarschijnlijk door de smalle ingangen waarbij het lijkt alsof je een galerij van een huis binnenstapt.
Ik kom vanaf de marktplaats in de straat waar de Bemog terminal is gevestigd. Boven de Bemog busjes hangen aan de terminal vier borden met bestemmingen. Ababi staat er natuurlijk niet op en ik ben vergeten te informeren welke route ik terug moet hebben. Voor alle zekerheid ga ik het maar vragen aan xe9xe9n van de gereedstaande busjes. Echter de chauffeur kan mij geen antwoord geven en gaat het aan zijn collega’s vragen. Ik denk dat er ongeveer twintig busjes in de terminal gereed staan. Waar hij ook informeert, niemand schijnt te weten via welke route ik terug moet. Er staat wel iemand die mij wil brengen, maar ik heb het idee dat ik dan moet betalen voor een privxe9 ritje. Ik wil nog niet vertrekken en sla het aanbod dan ook af.
Achter de terminal loopt de weg iets naar beneden en ik zie daar ook een soort van een markt.
Daar ga ik eerst nog even kijken voordat ik een nieuwe poging onderneem om te informeren welke Bemog- bus ik moet hebben naar Ababi.
De markt achter de terminal is ook weer deels overdekt. Ik loop het straatje af naar beneden. De eerste drie hokjes van ongeveer drie bij drie meter blijken kappers te zijn. De hokken zijn niet afsluitbaar en de kappers zullen ‘s avonds hun spullen waarschijnlijk meenemen naar huis. Zoveel hebben ze anders niet mee te nemen. Ik ontdek alleen een houten stoel, een schort, een spiegel, kam en schaar.
Aan de linkerzijde van de weg kramen met veel riet, manden en korven.
De weg mondt uit in een rommelige vieze zooi en komt uit op een privxe9terrein. Ik loop dus terug en ga de overdekte hal binnen.
In dit deel staan tientallen grote manden en korven met kippen en eenden. Van kuikens tot vetgemeste kippen in alle soorten, maten en kleuren. Ook een groot aantal eenden die bijdragen aan een enorme herrie. Mensen die er tussen door lopen met kippen onder de arm. De pootjes vastgebonden met een touwtje. Ik moet aan de eend denken die in de vroege ochtend voor de ingang van Sudanita homestay voor de deur lag en die wij ‘s avonds tot onze verrassing heerlijk bereid terug zagen bij het diner.
Het laatste deel van de markt is weer ingericht met allerlei versieringen die gebruikt worden bij het offeren.
Ik verlaat via een betonnen trap dit marktdeel en kom in een straat terecht waar volop wordt gewerkt om zakken met rijst vanaf vrachtwagens op te slaan in loodsen.
Ook hier weer rare situaties. Naast eten, rijst en groenten opeens drums met benzine en petroleum zomaar op straat zonder rookverbod etc.
Aan de overkant van de straat is een kleine warung waar twee jonge meisjes offertjes aan het maken zijn. Ik neem plaats op het bankje en bestel een cola. De eigenaresse van de warung begrijpt dat ik cola bestel, maar snapt niet dat ik de cola uit de koeling wil. Dochterlief die met de offertjes bezig is wordt ingeschakeld om mijn bestelling op te nemen. Ze spreekt Engels en alles wordt naar wens geregeld. Ik ontvang mijn cola en bekijk hoe de meisjes offertjes maken.
In een soort van gevlochten bananenblad worden kleine bloempjes (drie stuks) afgewisseld met diverse blaadjes, kruiden en rijst samengevoegd tot een kleurrijk stukje. Per 24 exemplaren worden deze in een plastic zakje gestopt. De twee meisjes zijn er ongeveer 15 minuten mee bezig en het zakje moet omgerekend xe9xe9n euro opbrengen.
De moeder probeert een gesprek met mij aan te gaan, maar ik/zij verstaat/snappen er niets van.
Na vijftien minuten aanschouwen van offertjes maken en het flesje cola te hebben leeggedronken vertrek ik weer.
Op weg naar de Bemog terminal.
Aangekomen bij de terminal vraag ik opnieuw aan iemand hoe ik naar Ababi moet. Een wonder….. De chauffeur die ik vraag gaat met zijn busje richting Ababi. Maar helaas. De bus heeft al een aantal reizigers. Voorin zitten is er niet bij. De bus zit vol en ik mag inschikken. Niet alleen mensen maar veel handelswaar in de bus. Gelukkig geen levende have zoals kippen en eenden. Ik dacht dat we vertrokken. Maar plotseling rent een vrouw uit de bus om nog wat inkopen te doen. Het is warm in de bus en ondanks openstaande ramen krijg ik het benauwd. Ik overweeg om uit te stappen maar besef dat ik misschien wel geen bus meer naar Ababi aantref. De markt is om 13:00 uur gesloten en het is inmiddels 11:30 uur.
Ik blijf dus maar zitten en voel de straaltjes over mijn rug lopen.
De chauffeur is het blijkbaar ook zat. Claxonneert een paar keer en door een tiental meters vooruit te rijden laat hij merken dat hij op weg gaat.
Gehaast komt de vrouw naar de Bemog bus rennen. Een tros bananen onder de arm. Manlief en dochter zijn blijven zitten om de chauffeur te laten weten dat er nog een passagier op komst is.
Eindelijk we rijden… Frisse lucht door de ramen naar binnen.
Opvallend is dat in tegenstelling tot de heenreis bijna de hele rit iedereen blijft zitten. Halverwege roept een meisje dat er gestopt moet worden en na een paar minuten komt er iemand aanlopen die een pakketje in ontvangst neem. Niemand vraagt waarom we stoppen en hoelang het zal gaan duren.
Ik ben de eerste die de bus moet verlaten. En na een krachtig ‘STOP’ remt de chauffeur op het kruispunt in Ababi. Ik geef hem de 5000 Rp. zonder iets te vragen en neem aan dat hij dat voldoende vind. Zonder iets te zeggen rijdt hij verder. Om 12:00 uur ben ik terug in Ababi. Ik wandel rustig terug naar mijn logeeradres en neem mij voor om vanmiddag/avond niets meer te doen dan foto’s selecteren, de opgenomen video van het schooltje te bekijken en mijn verslag te schrijven.
‘s Middags nog even in de buurt gewandeld en even op bed gelegen. Relaxen noemen ze dat. Die laatste week was ook een heerlijke ontspanning. Een goede keus achteraf. Locatie en doel perfect.
Na het diner met Gede afgerekend. Het verblijf had ik al betaald. Alleen transport, eten en wasgoed etc.
Perfecte plek hier. Ik heb genoten.

















































































